Betty Sondervan-Frank

Betty Sondervan-Frank

Draagt sinds 2008.

“Toen ik zwanger was van de derde begon ik schoon genoeg te krijgen van het binnen zitten op sabbat. Er was in die tijd geen eroev, dus naar buiten met de kinderwagen kon ik niet. Als ik mensen wilde zien, moesten we ze bij ons thuis uitnodigen, maar al mijn vriendinnen hadden ook kleine kinderen, dus we zaten allemaal in hetzelfde schuitje.

Mijn man en ik besloten te verhuizen naar een huis pal tegenover de synagoge. Op die manier kon ik in ieder geval de bijeenkomst na de dienst bijwonen. Het huis was zó dichtbij dat ook de jongste wel een kwartiertje alleen kon blijven, want we hadden vanuit sjoel direct uitzicht op ons huis.

Later kreeg ik een lieve hulp in de huishouding. Ze bood me aan te helpen, en vanaf dat moment kwam ze eenmaal per maand langs om op de kinderen te passen, zodat ik naar de dienst kon.

Toen de derde al kon lopen, hebben we nóg een manier gevonden om op sabbat mobiel te kunnen zijn. Toen we eens vrienden wilden bezoeken op een zaterdagmiddag, hebben we onze vaste oppas benaderd, en haar wel honderd keer uitgelegd wat we in ons hoofd hadden: zij zou lopend onze dochter in de kinderwagen naar onze vrienden toebrengen en terug kon ze de tram pakken. Het zal voor jou allemaal wel absurd klinken, zeiden we tegen haar, maar wij zouden er erg mee geholpen zijn. Op die manier zou onze dochter tenslotte koosjer vervoerd kunnen worden: in de kinderwagen en dus niet in een tram, wat voor ons verboden is op sabbat. En omdat niet-Joden te allen tijde een kinderwagen kunnen duwen, was het voor de oppas ook oké. Een slimme oplossing dus – dáchten we!

Tot ze van haar moeder had gehoord dat ze zelf ook Joods was. Ik voelde me enorm stom: ik had haar dus aangezet tot iets wat ze niet had mogen doen.

Toen de huidige eroev in 2008 werd opgericht, waren onze kinderen het huis uit, dus voor mijzelf veranderde er op dat moment niet heel veel. Toch pluk ook ik er wel de vruchten van. Ik doe mijn sleutels in mijn zak, neem visitekaartjes en mijn ID mee en als we bij wijze van uitzondering naar de Portugese synagoge lopen op sabbat – 8 kilometer van ons huis – dan loop ik op mijn makkelijke schoenen, terwijl de nette schoenen in een tasje mee kunnen.”