Adjai Janglie

Adjai Janglie

Werkt als projectmanager van het provinciehuis Zuid-Holland samen met de Joodse Gemeente.

“Als de projectmanager bij de provinciehuis Zuid-Holland schouwde ik in 2010 een van bruggen waar een wegverbreding zou plaatsvinden. Samen met het ingenieursbureau waarmee ik samenwerk, wilden we weten welke objecten er zoal op die brug stonden. Zo vonden we die dag een weerstation voor gladheidsmetingen die niet vervangen hoefde te worden. Toen stonden daar opeens ook die palen met een kabel ertussen. We hadden geen idee waar die voor dienden. Waren het lichtmasten waar het licht inmiddels van afgehaald was? Een elektriciteitsdraad die – net als in sommige arme landen – boven langs de weg liep in plaats van netjes weggewerkt onder de grond? We konden er alleen maar naar raden.

Uit een intern onderzoek bleek dat het provinciehuis ooit een vergunning had afgegeven aan het rabbinaat van Amsterdam voor het plaatsen van die palen op die plek. We zijn er met het ingenieursbureau ingedoken, en toen ontdekten we dus het hele verhaal van die eroev. We wisten niet wat we hoorden. Als wij die palen zouden losmaken, zou dat kilometers verderop invloed hebben op de levens van mensen. Dat gaf wel een verantwoordelijkheid.

Het rabbinaat had zelf de plaatsing geregeld en bekostigd, maar omdat wij de brug gingen renoveren, moesten wij op onze kosten de palen na de werkzaamheden in de oorspronkelijke staat herstellen.

We zijn met rabbijn Wolff en rabbijn Katz gaan kijken naar de situatie op de brug. Zij stonden daar in hun gewaden en met hun hoeden. Je zag de automobilisten kijken: wat gebeurt daar? Het overleg herinner ik me als erg prettig. Als er in de openbare ruimte dingen veranderd moeten worden, stuit dat in het algemeen nogal eens op weerstand bij de betrokkenen, maar de rabbijnen stonden open voor ons plan. Uiteindelijk is het met hun instemming precies uitgevoerd zoals we hadden voorgesteld.

Eerst was er een tijdelijke constructie die iets verder landinwaarts stond, zodat de eroev tijdens de werkzaamheden geldig zou blijven. In het paasweekend van 2017 hebben we met zes man de palen definitief teruggezet – of eigenlijk een verbeterde versie ervan. We hebben de stalen palen vervangen door lichtere palen van aluminium, waar de staalkabel van binnenuit via een katrol strak te spannen is.

Vanuit mijn hindoeïstische achtergrond weet ik hoe belangrijk religie is, dus toen een kraanwagen tijdens een van de nachtsluitingen de eroev-draad stuk reed, heb ik het gelijk gemeld bij de rabbijnen. Zelf hebben we de situatie zo snel mogelijk hersteld. Ik heb ook tegen rabbijn Katz gezegd: rij er iedere vrijdag even langs om te zien of alles nog staat.

Laatst meldde hij dat de draad wat slap hing. Of die niet strak te spannen was? Eigenlijk is dat onze taak niet, want met het terugplaatsen van die palen hadden we strikt genomen aan onze plicht voldaan. Maar tijdens een nachtelijke afsluiting die toch al gepland was, hebben we de draden even aangedraaid voor ze. Kleine moeite, iedereen blij.”